Het uitvallen van een medewerker komt zelden uit het niets. Vaak zijn er al langere tijd signalen zichtbaar, maar worden deze niet altijd herkend. Dit komt niet door een gebrek aan betrokkenheid van leidinggevenden of collega's, maar doordat verminderde inzetbaarheid geleidelijk ontstaat. Het is daarom cruciaal om veranderingen in gedrag, energie en betrokkenheid vroegtijdig te signaleren. Hoe eerder je deze veranderingen opmerkt, hoe groter de kans om problemen te voorkomen.
Duurzame inzetbaarheid gaat over het vermogen van medewerkers om gezond, gemotiveerd en productief te blijven werken. Wanneer dit vermogen onder druk komt te staan, spreken we van verminderde inzetbaarheid. Dit betekent niet direct dat iemand ziek is. Vaak begint het met kleine, subtiele veranderingen die gemakkelijk over het hoofd worden gezien.
Een afname van energie is vaak een van de eerste signalen. Medewerkers geven bijvoorbeeld aan vaker moe te zijn, zich minder scherp te voelen of moeite te hebben met concentreren. Wanneer deze klachten langere tijd aanhouden, verdienen ze aandacht.
Mogelijke oorzaken zijn:
Hoge werkdruk
Onvoldoende herstel
Stress
Slaapproblemen
Een verstoorde werk-privébalans
Gedrag zegt vaak meer dan woorden. Sommige medewerkers trekken zich terug, terwijl anderen sneller geïrriteerd reageren. Ook veranderingen in samenwerking kunnen een belangrijk signaal zijn.
Denk aan:
Minder initiatief nemen
Minder deelnemen aan gesprekken
Kortaf reageren
Vaker afzondering opzoeken
Medewerkers die voorheen enthousiast waren, kunnen minder betrokken raken bij hun werk of organisatie.
Dit kan zichtbaar worden door:
Minder motivatie
Minder enthousiasme
Minder eigenaarschap
Minder betrokkenheid bij projecten
Langdurige druk kan leiden tot concentratieverlies. Hierdoor kosten taken meer energie en worden vaker fouten gemaakt. Dit hangt vaak samen met mentale belasting.
Een belangrijk kenmerk van verminderde inzetbaarheid is dat medewerkers minder goed herstellen van inspanningen. Vermoeidheid blijft langer aanwezig en ontspannen wordt moeilijker.
Veelvoorkomende signalen zijn:
Moeite met ontspannen
Slecht slapen
Werk moeilijk kunnen loslaten
Altijd "aan" staan
Veel werkgevers gaan ervan uit dat medewerkers zelf aangeven wanneer het niet goed gaat. In de praktijk gebeurt dit vaak niet. Medewerkers willen collega's niet extra belasten of denken dat de situatie vanzelf zal verbeteren. Daardoor blijven signalen soms onzichtbaar totdat de problemen ernstiger worden.
Leidinggevenden spelen een belangrijke rol in het herkennen van signalen. Zij hoeven niet alle problemen op te lossen, maar kunnen wel een groot verschil maken door oprechte aandacht te tonen.
Dit begint met eenvoudige vragen zoals:
Hoe gaat het écht met je?
Hoe ervaar je de werkdruk?
Heb je voldoende energie?
Waar loop je tegenaan?
Door regelmatig het gesprek aan te gaan, ontstaat sneller inzicht in wat er speelt.
Dat vroegtijdig signaleren belangrijk is, blijkt ook uit data van de VitsAll Risicoscan. Uit onderzoek onder medewerkers blijkt dat gemiddeld 36% van de medewerkers binnen een organisatie in een risicoprofiel valt. Binnen deze groep ervaart 18% productiviteitsverlies als gevolg van factoren zoals werkdruk, verminderde energie of stress.
Wanneer deze signalen langere tijd aanwezig blijven, kan dit uiteindelijk leiden tot gemiddeld 12,5 extra ziektedagen per medewerker per jaar.
Deze cijfers laten zien dat verminderde inzetbaarheid vaak al aanwezig is voordat verzuim zichtbaar wordt. Juist daarom is het belangrijk om signalen vroegtijdig te herkennen en bespreekbaar te maken.
Verminderde inzetbaarheid ontstaat niet van de ene op de andere dag. Vaak zijn er al eerder signalen zichtbaar in energie, gedrag, betrokkenheid of concentratie. Door deze signalen tijdig te herkennen en bespreekbaar te maken, kunnen organisaties problemen voorkomen voordat ze leiden tot langdurige uitval. Duurzame inzetbaarheid begint bij het herkennen van de eerste signalen.
Ontdek meer inzichten over welzijn op de werkplek en vitaliteit van medewerkers.
Bekijk Alle Artikelen